deutsch
deutsch
new
english
english
 
по-украінскії
по-украінскії
 
по-русский
по-русский
 
nederlands
nederlands
 
portuguÍs
português
 
le franÁais
français
 
español
español
 
italiano
italiano
 
türkçe
türkçe
 
 OVER ONS    PROGRAMMA     DOWNLOADS     PARTIJ     AKTUELLES     MITGLIEDER     FORUM     SERVICE     KONTAKT     DATENSCHUTZ   
 overzicht 
 
 Buitenlandse politiek 
 Onderwijspolitiek 
 Ethiek en moraal 
 Binnenlandse politiek 
 Rechtspolitiek 
 Cultuurpolitiek 
 Sociale politiek 
 Milieu- en dierbescherming 
 Verkeerspolitiek 
 Economische politiek 
 

Cultuurpolitiek

Enige gebieden van het maatschappelijke leven zouden niet gecommercialiseerd moeten worden, omdat anders de broodnodige verscheidenheid op cultuurgebied verloren zou gaan. Tot deze gebieden hoort bv. ook de filosofie, die beter thuis is op de universiteiten, ook wanneer er sterke wisselwerkingen met de cultuur vast te stellen zijn.

De vraagstelling luidt niet, of cultuur gesubsidieerd moet worden, de vraag luidt in welke mate.



Beeldende kunsten

De opgave van de staat zou moeten zijn, werkplekken, ateliers en galerieŽn te onderhouden, om kunstenaars de beoefening en de tentoonstelling van hun werk mogelijk te maken.

Daar een objectieve beoordeling van kunst eenvoudigweg onmogelijk is, zou de staat uiterst terughoudend moeten zijn openbare gebouwen van kunstwerken te voorzien van kunstenaars van naam.

Veel eerder zouden openbare gebouwen als goedkoop platform ter tentoonstelling van (nog) niet bekende kunstenaars gebruikt moeten worden.

Economisch succes moet ook de kunstenaar in de vrije markt zoeken.



Media

In principe is een zo breed mogelijk medialandschap wenselijk. Niettemin valt er een tendens van gelijkschakeling van de verschillende media waar te nemen.

Zo zijn de verschillen tussen de programma's van de commerciŽle zenders niet erg groot meer, en lijken de publieke zenders meer en meer op de commerciŽle.

ARD en ZDF worden, zoals bekend is door kijk- en luistergeld gefinancierd. Deze financieringsvorm moet een onafhankelijke programmering verzekeren, en wel onafhankelijk van de regering, reclameinkomsten en zeker ook van kijkdichtheid. Zij hebben een (culturele) vormingsopdracht.

Deze opdracht komen de publieke zenders evenwel niet genoeg na. In plaats van alternatieven aan te bieden voor de „reality-“ en „talkshows“ van de commerciŽle zenders, en gaten in de markt op te vullen, worden miljoenen uitgegeven aan uitzendrechten voor sport.

Deze informatieverschaffing moeten de publieke zenders aan de commerciŽle overlaten. Niet alleen is het dan zo dat de gelden die bedoeld zijn voor een aan deze opdracht beantwoordende programmering, besteed zijn, maar ook het aanbod lijdt er onder.

Op het gebied van de gedrukte media is het interessant dat dit „gelijkschakelingsproces“ niet in gelijke mate plaats heeft.

Helaas probeert de staat nu ook controle over internet te krijgen. Op enkele uitzonderingen na (bv. kinderpornografie) is het in het belang van een sociaal georiŽnteerde samenleving zich vrij te kunnen bewegen.

Waar ook kanttekeningen bij zijn te plaatsen, zijn het laten zien van geweld in actiefilms en videospelen. Wat daar wordt toegelaten aan moord en doodslag staat niet in verhouding met wat toegelaten wordt op het erotische vlak.



Muziek

In principe gaan de uitspraken mbt. het gebied van de „beeldende kunsten“ ook op voor de „muziek“.

In het bijzonder op het gebied van „klassiek“, „opera“ en „operette“ worden, gesubsidieerd door publieke middelen, gages en uitrustingskosten bekostigd, die in geen verhouding staan met wat er aan geld binnenkomt via entreegelden.

In het bijzonder mist de jeugd musici met een voorbeeldfunctie. Dat bij de grote platenmaatschappijen sterren met een gezond zelfbewustzijn niet gewenst zijn, zouden de publieke zenders moeten compenseren, door aan „doorgegroeide“ kunstenaars en bands op het gebied van de lichte muziek een platform te bieden.

Dit zou ten minste een weg zijn, om op de jeugd waarden als doorzettingsvermogen, over te dragen.



Theater

Ook wanneer het voorgaande op het theater van toepassing is, veroorzaken de voor het theater noodzakelijke toneelspelers, gigantische kosten.

Deze kosten alleen door subsidie te laten dragen, heeft geen zin.

Zo zou er gedacht kunnen worden aan de daar voorhanden zijnde voorstellingstechniek, commercieel te gebruiken, zonder het theaterbedrijf in gevaar te laten komen.